Dit artikel verschijnt in het eerstvolgende nummer van UDB nieuws (het ledenblad van de Unie van de Dentaaltechnische Bedrijven). Het wordt in 3 afleveringen gepubliceerd. Hier vindt u de volledige weergave ervan onder de titel :
Beetgenomen ?
Heel wat wijnliefhebbers zijn er zich niet van
bewust dat wijn "gefabriceerd" wordt. Wijnmaken is een industrie
geworden waarbij tal van technieken en middelen gebruikt worden om van druiven
met weinig inhoud (smaak, aroma) een drank te maken die verkocht wordt als
wijn. Echte wijn staat daar mijlenver vanaf. | Johan Van de Winkel
Hetbegint al in de
wijngaard. Na de tweede wereldoorlog ontstond onder impuls van de chemische
industrie het interventionalisme : pesticiden,
fungiciden, herbiciden en kunstmest werden verwelkomd als wondermiddelen om het
zware werk in de landbouw lichter te maken. Tot op heden is in de wijnbouw het
gebruik van die synthetische middelen verontrustend hoog.Zo is in Frankrijk 20% van alle in de
landbouw gebruikte pesticiden bestemd
voor de wijnbouw, die slechts 3% van de totale landbouwoppervlakte uitmaakt.
Sproeien in de Moezelstreek
Terroir
De kater volgde zowat tien jaar later. Door
het jarenlange gebruik van deze bestrijdingsmiddelen waren bijna alle
micro-organismen uit de bodem verdwenen. De wortels van de wijnrank boren zich
een weg diep in de bodem (soms tot 12 m) en bedienen zich van dit bodemleven om
zich te voeden. Elke soort micro-organismen is in staat om een specifiek deel
van de bodem, zoals mineralen, af te breken en beschikbaar te maken voor opname
via de wortels. Hier ontstaat ondermeer wat men bedoelt met terroir in een
wijn.
In een wijngaard die jarenlang een chemische behandeling
heeft ondergaan, stelt men vast dat de wijnstok niet langer meer diep in de
grond wortelt, maar slechts enkel nog oppervlakkig. Kunstmest is dan nog de
enige voedingsbron en de vergelijking met hydrocultuur is niet veraf. Het
resulteert in druiven die slecht tot
rijping komen en weinig tot geen aroma en smaak ontwikkelen.
Het
gebruik van herbiciden brengt erosie van de bodem teweeg en bij regen dienen de
wijnranken al het water te verwerken. Dat levert bij de oogst verdund sap op.
Het resultaat is
een gebrek aan kwaliteit en terroir in de wijn. Dat is de reden waarom wijn
gecorrigeerd dient te worden. Het interventionalisme brengt alweer soelaas. De lijst met technieken en producten om wijn
smaak te geven is ellenlang : aansuikeren, bijzuren, ontzuren, concentreren,
enzymes, inkoken, houtschilfers, kleur- en smaakstoffen,
flash-pasteurisatie, micro-oxygenatie, microfiltratie, omgekeerde osmose, electrodialyse,...
Houtschilfers toegevoegd bij het kneuzen van druiven om houtlagering te
imiteren
Chaptaliseren (aansuikeren) van druivenmost.
Sulfiet wordt na het (machinaal) oogsten toegevoegd om oxidatie
van gekwetste druiven te vermijden. Het doodt de endogene gisten (die op de
druif leven) waardoor de gisting niet spontaan opstart.
Met cultuurgist die zeer
resistent is voor sulfiet wordt in de cuves de vinificatie op gang gebracht. De
wijnboerkan door het gebruik van
aroma-gisten (exogene gisten) op voorhand de gewenste aroma's bepalen.
Cultuurgisten, voor elk wat wils.
Uiteindelijk verkrijgt men een wijn zonder ziel, een standaardproduct dat jaar
na jaar zo goed als identiek smaakt. Terroir is een hol begrip geworden dat
graag gebruikt wordt om kwaliteit te suggereren en de smaakvervlakking te
verpakken. Marketing en reclame dichten deze wijnen bijzondere kwaliteiten toe.
Wijngoeroes en wijnbijbels trekken mee aan de kar en schrijven deze opgesmukte
wijnen de hemel in. Als we hen mogen
geloven,volgt het ene uitzonderlijke
jaar het andere op. De realiteit is dat zowat 90% van alle wijn in meer of
mindere mate kunstmatig gecorrigeerd wordt.
Domaine Agnès Paquet, Côte de Beaune, Bourgogne.
Intussen is iedereen vergeten hoe echte, ongekunstelde wijn smaakt. Gelukkig
zijn er steeds meer wijnboeren die zich tegen deze ontwikkeling verzetten. Zij
kiezen resoluut voor een andere aanpak en schakelen om naar een andere manier
van wijnmaken, gebaseerd op eeuwenoude expertise die verankerd werd in
tradities maar met frisse en hedendaagse inzichten. In alle vaktijdschriften
verschijnen steeds meer artikels over dit soort wijnen en bij vergelijkende
degustaties halen ze steeds vaker de beste scores. Ze bezitten veel meer aroma
en complexiteit. Deze wijnen zijn ook qua smaak interessanter dan de
industriële wijnen. Ze volgen het ritme van de seizoenen en ieder jaar levert
een ander, maar boeiend resultaat. In deze wijnen vindt men nog echte terroir.
Deze
wijnboeren gaan ook op een andere manier om met hun wijngaard. Zij zien hem als
een levend organisme, een ecologisch systeem, waarbij iedere interventie zijn
invloed heeft op het evenwicht van dit systeem. Zij bannen hun tractor en
gifsproeier en gebruiken opnieuw het boerenpaard om het bodemleven te sparen ;
de zware tractors verdichten de bodem en vernietigen het bodemleven. Deze
wijnboeren werken veelal volgens de biodynamische principes en gebruiken
speciale natuurlijke preparaten om het bodemleven te stimuleren en
onevenwichten te herstellen.
Champagne Ulysse Collin, Congy, Côte des Blancs.
Sélection massale
Net als bij de fruitteelt treedt bij het kiezen van
druivenstokken voor het aanplanten van wijngaarden standaardisering op en
verdwijnen steeds meer oorspronkelijke variëteiten. Zo vindt men bijvoorbeeld
in de grootwarenhuizen zomer en winter steeds weer dezelfde 3 à 4 appelsoorten.
De biotechniek ontwikkelde klonen (sélection clonale) die specifieke
eigenschappen bezitten, waaronder resistentie voor virussen en ziekten. Een
grotere opbrengst en de mogelijkheid machinaal te kunnen plukken werden ook
ingebouwd. De klonen die aldus ontstonden hebben echter een groot
nadeel. Het smaakpatroon is lomper, met minder complexiteit en het
wordt gelimiteerd door het kader en de strikte controle van de
wetenschappelijke aanpak.
De sedert eeuwen beproefde methode om stekken te
vermeerderen, geselecteerd van de beste moederplanten, de sélection massale,
wordt slechts door een klein aantal domeinen in ere gehouden. Deze
methode levert evenwel een superieure kwaliteit op, omdat de boer telkens
die moederplanten uitkiest die het best aan de terroir en het microklimaat van
zijn wijngaard aangepast zijn.
In Bourgogne trekken enkele van de meest briljante
wijnboeren aan de alarmbel. De meest oorspronkelijke pinot noir, de pinot fin, wordt bedreigd in zijn bestaan.
Deze soort levert kleine trossen van hele kleine bessen met een opvallend dikke
schil. Het is deze schil die verantwoordelijk is voor de bijzonder fijne en
complexe aroma's (vandaar de naam pinot fin). Het smaakpalet die deze
druif kan opwekken is indrukwekkend.
Door de massale aanplant van de gemakkelijke en
meer producerende sélections clonales, is de pinot fin stilaan aan het
verdwijnen. Daarom werd een organisatie opgericht die het in stand houden van
deze variëteit stimuleert. Een 50-tal gerenommeerde domeinen, waaronder La Romanée Conti (pinot fin van de
lieux-dits La Romanée Conti en La Tâche) werken hiervoor
samen en wisselen onderling plantmateriaal uit.
Pinot fin "Cuvée Auguste" van Clos des Vignes du Maynes, Maconnais, Bourgogne
In de
Roussillon is een merkwaardige trend aan de gang. Het is echt opvallend hoeveel
boeren gedesillusioneerd wegtrekken uit de streek. De druiven die ze er kweken
verkopen ze per kilo aan de coöperatieve, die in hun plaats wijn maakt. Met de
klimaatverandering daalt de opbrengst per hectare zienderogen. Zij rooien de
wijnstokken en verkopen hun gronden voor vilabouw ...
Anderzijds
zijn er wijnboeren uit andere wijnstreken zoals Bordeaux, Bourgogne, Côtes du
Rhône die zich nu in de Roussillon vestigen, omdat zij beseffen welk een
potentieel deze streek heeft. Zij kopen de best gelegen, maar bedreigde
wijngaarden op en vinifiëren zelf hun wijn. En niet zonder succes.
Een
prachtig voorbeeld is Camp del Roc in
Montalba le Château. De wijngaarden liggen er op een hoogte van 430m tot 484m,
in een arena met een ondergrond van graniet. Philippe Botet verzamelde een
aantal kleine, maar unieke wijngaarden met oude vergeten Catalaanse
druivenrassen. Door de granieten ondergrond ontwikkelen de druiven zeer fijne
en zachte tannine. De hoogteligging zorgt ervoor dat de druiven 's nachts
afkoelen, waardoor fijne zuren ontstaan en evenwicht en finesse worden
opgebouwd.
Zijn
cuvée Erant Olim (Er was ooit) komt
van een wijngaard van 40 are : Ull de llebre, morastel, benicarlo, san antoni,
mances, gariga, terret noir, en enkele CNI (cépages non identifiés) staan
er door elkaar geplant. De stokken werden vóór 1900 aangeplant, dus meer dan
100 jaar geleden. Opbrengst slechts 10 hl/ha. Jaarlijks worden slechts 600
flessen geproduceerd. Het resultaat is indrukwekkend : complexiteit en finesse,
zijden tannine, mineraliteit en een enorm bewaarpotentieel.
Camp del Roc, Montalba le Château, Roussillon
Natuurlijke wijn
Ook in de
kelder gaan deze wijnboeren anders tewerk met hun oogst. Endogene gisten (van
de druif zelf) zorgen voor een terroir-gebonden natuurlijke omzetting van druif
naar wijn en dat liefst zonder toegevoegd sulfiet of andere additieven. Er
worden geen correcties aangebracht. De vinificatie verloopt op gecontroleerde
lage temperatuur. Meestal wordt er zowel op hout gevinifieerd en/of op hout
gelagerd. Er wordt geduldig gewacht tot de vinificatie volledig is afgelopen,
zodat de wijn al stabiel is vóór hij wordt gebotteld. Sulfiet is dan zo goed
als overbodig. We hebben het hier over de zogeheten "natuurlijke wijnen".
Over
natuurlijke wijn bestaan veel misverstanden ; er kleeft een
geitenwollensokken-etiket op. Toegegeven, niet alle natuurlijke wijn is even
lekker. Sommige wijnboeren gaan inderdaad op amateuristische wijze tewerk en
maken wijn waar wel eens wat aan schort. Streng selecteren is dus de boodschap.
Nochtans
is natuurlijke wijn dit stadium volledig ontgroeid. Steeds meer gereputeerde
wijnhuizen schakelen om naar de natuurlijke manier van werken : alweer LaRomanée Conti
uit Bourgogne en Chateau Ausone
uit Bordeaux zijn de meest beroemde domeinen die recent omschakelden naar
biodynamie en natuurlijke vinificatie, omdat ze overtuigd zijn dat dit de enige
manier is om het kwaliteitsniveau te halen dat zij nastreven.
Domaine Bruno Lorenzon, Mercurey, Côte Chalonaise,Bourgogne
Sulfiet
Een heel belangrijk punt waarop natuurlijke wijn verschilt van
"klassieke" wijn is het sulfietgehalte. Het is goed om weten dat alle
wijn sulfiet bevat. De gisten produceren dit zelf tijdens het omzetten van
suiker naar alcohol. Vandaar dat het op iedere fles vermeldwordt. Dat is wettelijk verplicht. Wat de
Europese wet niet verplicht is de vermelding hoeveel sulfiet aan wijn wordt
toegevoegd.Een gemiste kans.
Wijn uit de grootwarenhuizen bevat zeer veel sulfiet. De flessen
in de rekken worden blootgesteld aan licht, staan rechtop en ondergaan
temperatuursschommelingen. Zonder sulfiet zouden ze zeer snel achteruitgaan of
zelfs hergisten. Het toegelaten maximum is voor droge witte wijn 210mg/liter,
voor rood 180mg/l. Voor zoete wijn is dat zelfs tot 400mg/liter (vb Sauternes).
Sulfiet is een antioxidant. Het bindt zich aan alle bestanddelen
in de wijn om deze te stabiliseren. Het bindt zich echter ook aan het aroma en
de suikers, waardoor de wijn aan smaak inboet. Een wijn die niet is
behandeldmet sulfiet smaakt veel rijker
en breder dan diezelfde wijn na behandeling.
Clos des vignes du Maynes, Maconnais,
Bourgogne
Een nog groter nadeel is de invloed op ons verteringsstelsel.
Sulfiet breekt 80 % van vit B1 af in de maag, waardoor de suikers en de alcohol
slecht worden gemetaboliseerd in de lever. Hierdoor ontstaan de kater, de
hoofdpijn en de darmklachten na het drinken van wijn met veel sulfiet.
De natuurlijke wijnen bevatten weinig of zelfs geen toegevoegd sulfiet. De Association
des Vins Naturels stelt als maximum 30 mg/l voor rood en
schuimwijn,40 mg/l voor droge witte
wijn en 80 mg/l voor zoete wijn. Sommige
wijnboeren gebruiken zelfsgeen sulfiet,
tenzij soms bij het bottelen en dan niet meer dan 20mg/l. Dat is ver beneden de
wettelijke norm.
Wijnplezier
Hoe wilt u uw wijn? Wilt u hem onberispelijk
helder, met een onbetwistbare stabiliteit, met een constante smaak, aangenaam
maar zonder charme? Dat kan, maar wel ten koste van de originaliteit, de
subtiliteit en het echte wijnplezier.
Of ga je liever op ontdekkingstocht naar originele aroma's, verrassende
diepgang en finesse, op het ritme van de millésimes?
Laat u niet langer beetnemen!
In het
julinummer 2009 van Seizoenen, een VELT-uitgave (Vereniging voor
Ecologisch Leven en Tuinieren) verscheen het verslag van de jaarlijkse
wijnproef, met deze keer als onderwerp Ecotest: "Proeven van
witte wijn en rosé.
Aangezien
er deze keer als uitzondering ook nietgecertificeerde
natuurlijke wijnen toegelaten werden, schreef ik een reactie op het artikel. In
het septembernummer plaatste de redactie deze reactie als lezersbrief.
Hieronder
vind u het pleidooi om de wijnproef voortaan niet te beperken tot wijnen tot € 10,00
en evenmin de niet gecertificeerde natuurlijke wijnen uit te sluiten.
"Met
veel belangstelling las ik het artikel over biologische en natuurlijke wijnen
in Seizoenen van juli. Ik zou graag, in het verlengde van wat in de wijnproef aan bod kwam, een lans willen breken voor meer
aandacht voor natuurlijk gevinifieerde wijnen, gecertificeerd of niet, die zich
in een iets grotere prijsvork bevinden. De reden dat deze wijnen meer kosten is
heel logisch: arbeidsintensieve teelt, lagere opbrengsten per ha, manueel
plukken, uitlezen van de trossen, temperatuurcontrole, langere vinificatietijd
en vinificatie en/of opvoeding op vat (een houten vat kost ontzettend veel
geld).
Ik ben
ervan overtuigd dat het de foute perceptie die nog steeds bij velen leeft, namelijk
dat biowijn minder lekker is dan de "klassieke", zeg maar industriële
wijnen, de wereld uit kan helpen. Deze laatste worden op allerlei manieren
gecorrigeerd en gestandaardiseerd, zodat ze door de consument als "lekker"
worden ervaren en herkend. Smaakvervlakking is troef alom.
Hans
Dusselier stelt correct dat de natuurlijke wijnen veel breder smaken (150°).
Door veel sulfiet toe te voegen wordt de wijn wel stabiel, maar het sulfiet
bindt zich ook aan de aromacomponenten, waardoor de wijn aan smaak inboet. Hij
wordt niet echt slechter, maar wel smaller (50°). Dat is de reden waarom op
blinde degustaties de natuurlijke wijnen het steeds meer winnen van deze
opgesmukte wijnen. In de tweede plaats komt dat ook doordat er steeds meer
getalenteerde wijnboeren omschakelen naar bio en biodynamie en deze wijnen
durven inzetten in concurrentie met de klassieke, gereputeerde wijnhuizen. Biowijnen
in de lagere prijsklasse kunnen het moeilijk halen van de even goedkope
industriële wijnen. Er is altijd een prijshandicap. De biowijnboeren werken
veel kleinschaliger en hebben niet dezelfde middelen om de wijn op te smukken
(als ze dat al zouden willen). De teelt is veel arbeidsintensiever en
certificatie betekent ook een meerkost. Ik besef dat niet iedereen zal volgen
om meer geld uit te geven aan deze wijnen. Toch vind ik het belangrijk dat ook
de betere bio- en natuurlijke wijnen aan bod komen in de media. Het zal op
termijn zowel de producenten als de consumenten doen inzien dat bio echt wel
beter is. Die trend is in Frankrijk al ingezet bij de producenten. Ieder jaar
stijgt het aantal omschakelingen spectaculair. Terwijl het vroeger, uit
schroom, moeilijk was om een bioboer commentaar te ontlokken in de
wijntijdschriften, maakt men nu het omgekeerde mee: In het recentste nummer (nr
89) van "Bourgogne Aujourd'hui" vond men niemand van de anti-bio
lobby bereid repliek te geven aan het pro-bio kamp. Dat is ooit anders geweest.
Vriendelijke
groeten,
Johan Van de Winkel oenoLogic
Natuurlijke
wijn schenken
Wanneer
je gewoon bent aan de smaak van industrieel gemaakte wijn is het even wennen
als je voor het eerst een natuurlijke wijn proeft. Je ervaart het smaakprofiel
als “anders”.
Vervolgens merk je dat de natuurlijke wijn rijker, frisser, zuiverder smaakt en
heel lang in de mond blijft hangen. De aroma’s evolueren voortdurend en blijven
boeien, tot je merkt dat de fles leeg is. Al gauw ben je voor dit
smaakprofiel gewonnen en dan is er vaak geen weg meer terug naar de industrieel
gemaakte wijnen, die een enger smaakpatroon hebben.
De
ervaring leert dat natuurlijke wijnen beter een paar uur op voorhand geopend
worden. Sommige worden zelfs best gekarafeerd om het contact met zuurstof te
vergroten. Daardoor komen de aromas sneller vrij en kan het boeket
optimaal opleven. Een wijn zonder sulfiet vraagt uitdrukkelijk om deze aandacht.
Ik
stelde zelfs vaak vast dat sommige natuurlijke wijnen zich helemaal openden de
dag of zelfs enkele dagen na ontkurken en pas dan hun volledige rijkdom
prijsgaven. In tegenstelling tot industriële wijnen oxideren ze minder snel.
Dat kan je ook merken aan de aromas die nog geruime tijd in het lege
glas blijven nazinderen.
Sommige
natuurlijke wijnen zou ik om die reden helemaal niet vacuüm zuigen, zoals gebruikelijk
is om wijn te beschermen tegen oxidatie. Samen met de zuurstof zuig je ook heel
wat aromacomponenten weg en sluit de wijn zich opnieuw.
Domaine Agnès Paquet - Auxey-Duresses - Côtes de Beaune
Sulfiet in wijn
Zwaveldioxide
(SO2) is een antioxidant en werkt ook antibacterieel. Het wordt
daarom aan veel levensmiddelen toegevoegd om deze langere tijd houdbaar te
maken. In de gangbare wijnbouw wordt sulfiet om verscheidene
redenen gebruikt : in de wijngaard om te beschermen tegen ziektes, in de kelder
om de recipiënten (vaten, cuves, werktuigen) te ontsmetten, vóór de vinificatie
om de natuurlijke gisten die zich op de druivenschil bevinden uit te schakelen,
bij het bottelen om de wijn te stabiliseren tegen hergisting. Sulfiet voorkomt
ook bacteriële problemen (bv. Acetobacter, een bacterie die alcohol omzet in
azijnzuur) en maskeert fouten in de wijn.
Sulfiet
is van nature in de wijn aanwezig als bijproduct van de vinificatie omdat de
natuurlijke gisten zelf SO2 produceren, meestal minder dan 10 mg/l. “Wijn
zonder sulfiet” is dus eigenlijk een misvatting ; correcter zou zijn “wijn zonder toegevoegd sulfiet”.
Volgens
de EG-verordening 1493/1999 zijn de toegelaten maximale hoeveelheden voor rode
wijn 160 mg/l, voor wit en rosé 210 mg/l. Wanneer nog ten minste 5 g/l
restsuiker aanwezig is (zoete of licoreuze wijn) is de toegelaten hoeveelheid
260 mg/l, voor Spätlese (zoete Duitse wijn gemaakt van laat geplukte druiven)
zelfs 300 mg/l en tot 400 mg/l voor Sauternes !
Voor bio en biodynamische wijn (Nature et Progrès - Demeter) moet de
hoeveelheid sulfiet beperkt blijven voor rood tot 70 mg/l, wit en rosé 90 mg/l
, schuimwijn 60 mg/l en licoreuze wijn 200 mg/l, wat minder dan de helft is van
de toegelaten maximale hoeveelheden door de EG.
Omdat
sulfiet allergische reacties kan uitlokken, is het sedert november 2005
(EG-verordening 1991/2004) verplicht om bevat sulfiet op het etiket te vermelden
wanneer de wijn meer dan 10 mg/l bevat.
Het is
echter niet verplicht te vermelden hoeveel er écht werd toegevoegd. Een gemiste
kans! De consument heeft er dus het raden naar hoeveel sulfiet er in zijn wijn
zit : hij weet enkel dat dit tussen 10mg/l en 400mg/l ligt. Wanneer je bedenkt
dat dezelfde Europese Gemeenschap (directieve oktober 1999) stelt dat de
aanvaardbare dagelijkse inname (ADI) maximaal 50mg/dag is (0,7mg/kg
lichaamsgewicht), mag je maar 12,5 cl (een klein glaasje) Sauternes per dag
drinken als je 70 kg
weegt. Dan mag je echter geen andere wijn meer drinken of voedingsmiddelen eten
die behandeld werden met sulfiet (ondermeer gepelde garnalen, voorgesneden
groenten, conserven, ...). Naast allergische reacties kan een teveel aan
sulfiet hoofdpijn, misselijkheid en darmklachten veroorzaken.
Er is
echter nog een groot nadeel dat zelden vermeld wordt : door de antioxydatieve
werking bindt het sulfiet zich niet alleen aan de suikers maar ook aan de
aromacomponenten in de wijn. Dezelfde wijn vóór behandeling met sulfiet smaakt
veel breder en rijker dan erna. Het is alsof de wijn oogkleppen worden opgezet,
waardoor hij een enger aroma krijgt. Een grote wijn wordt daardoor
middelmatiger.
Het is
nochtans mogelijk de hoeveelheid toegevoegde SO2 tot een minimum te
beperken door een aantal cruciale punten in acht te nemen : een strenge
selectie van de druiven, manueel oogsten op het koelste tijdstip van de dag,
zacht persen en de gisting zo volledig mogelijk laten doorgaan (weinig
restsuiker) onder lage temperatuur.
Wel is
het zo dat wijnen zonder of met heel weinig toegevoegd sulfiet gevoeliger zijn
voor temperatuurschommelingen. Bijgevolg moet men bijzondere aandacht
schenken aan het transport en aan het bewaren in de kelder (best stockeren
onder de 14°C).Om
die reden zijn wij geneigd het zeer licht doseren met sulfiet bij het bottelen
te aanvaarden.